Maandelijks archief: december 2009

Home for the holidays

Kerstvakantie betekent voor de meesten onder ons de tijd doorbrengen met je nabije familie.  Hier was het de voorbije dagen niet anders, met ritten naar (in die volgorde) Hasselt, Mechelen, Gent en Neerpelt.  Onze ouwe Arie J Stoteles (Ari voor de vrienden) heeft de voorbije dagen dus heel wat kilometers te verduren gehad, en zijn motor gaat toch al meer dan 250000 km en 17 jaar mee.  Hij bracht ons veilig waar hij ons moest brengen, het waren fijne en gulle feesten, en de komende week staat nu hier ten huize volledig in het teken van oudjaar.  Het huis op orde brengen, de nodige feestartikelen gaan aanschaffen, het menu opstellen en bereiden en tenslotte ook de spelletjes voorbereiden, om op 31 december klokslag half zeven hopelijk de eerste blijgemutste gasten binnen te laten.

Een beetje meer gedetailleerd geeft dat bijvoorbeeld bij het menu (dat niets met tafelen te maken heeft, maar alles met walking dinners):

  1. verse tomatensoep met balletjes
  2. p’tit pasta met zalm en bieslook in een roomsausje
  3. worstenbroodjes en zalmdingetjes
  4. mini-croques
  5. gebakken knoflookchampignons
  6. moet ik nog eens goed over nadenken.

Dat ik me de komende dagen dus ga amuseren, staat vast.

Het gelach, gegniffel en gebulder op oudjaar zal hopelijk tot enkele straten verder te horen zijn, want de spelletjes hebben een net iets meer dan doordeweeks humorgehalte.

Dat hopen we toch.

Een reactie plaatsen

Opgeslagen onder allerlei

Christmas Eve with John and Oko

Christmas. Sweet memories for most of us…

Maar vergeet ook degenen niet die het niet zo goed getroffen hebben als wij.  Hieronder twee clips, van hetzelfde nummer.  Allebei om kippenvel van te krijgen.

Een reactie plaatsen

Opgeslagen onder muziek

Kerstmis

Het is opnieuw zover, Kerstavond en Kerstmis staan voor de deur. En dat brengt herinneringen naar boven.

In mijn kindertijd gingen broer en ik elk jaar samen met onze ouders naar de middernachtmis in onze parochie, waar de kerk steeds sfeervol versierd was, verlicht met kaarsen en, wat het meest tot de verbeelding sprak, een kerststal.  En ooit, lang geleden, heb ik het kindeke Jezus in zijn kribbeke mogen leggen. Negen jaar of zo, was ik.  Waar ik die eer aan te danken had, weet ik ook niet. Voor zover ik me kan herinneren heeft de pastoor de jaren nadien het kindeken steeds zelf op zijn slaapplek gelegd. Ik zal toen iets fout gedaan hebben, zeker?  Voor de rest heb ik aan de kerk als praktijk  helaas niet bepaald fantastisch te noemen herinneringen. En dat is niet zozeer aan de kerk zelf te wijten (allemaal heel sympathieke mensen, en die parochie “hing” ook wel aan elkaar zodat je altijd wel bekenden op straat tegenkwam die wisten wie ik was) want kritisch nadenken over dat hele gedoe was er voor mij in die tijd nog niet bij.

U moet weten, in de hele periode dat ik naar de kerk meeging met mijn ouders (tot iets na mijn plechtige communie, denk ik), heb ik me daar uren vréselijk verveeld. Tja, een gebarentolk kende ik in die tijd nog niet en zelfs als ik die in de buurt zou hebben gehad, betwijfel ik of mijn interesse in de liturgie zoveel groter was geweest. Maar soit, om de verveling te verdrijven heb ik door de jaren heen verschillende opties overwogen: op stap gaan door de kerk heen, de aandacht van de zwijgende massa afleidend van opnieuw een preek, tot mijn moeder me uiteindelijk te pakken kon krijgen op het altaar, waar ik post had gevat naast meneer pastoor.  Of tijdens de liedjes (en er waren er nogal wat, en  de teksten -zéér modern in die tijd – werden geprojecteerd op de muur) extra hard beginnen zingen, heel goed wetende dat mijn stem op geen kl*ten trok en zo opnieuw de aandacht naar me toe trekkend.  Of de mensen rondom mij bestuderen: kleding, kleine en grote maniertjes, andere vervelende kinderen hardhandig tot de orde geroepen zien worden, noem maar op.  Of zelf de daad bij het woord voegen en mijn broer irriteren, tot grote ergernis van ma en pa. Of, als het heel erg meezat, stripverhalen lezen (al ging daar dan elke keer weer een hele hoop tijd naar het overtuigen van mijn ouders, die vonden dat dat niet zomaar kon, in een kérk nog wel! Blub.)

Frappant hoe snel de tijd vliegt. De vorige eindejaarsfeesten lijken nog maar net voorbij, en mijn eigen kindertijd is even, als ik mijn ogen sluit, weer heel reeël.  En daar staan we dan weer voor een berg voedsel die opgesmuld moet worden, bij voorkeur met smaak. Sommige dingen veranderen nooit.

Of toch… De cadeautjes liggen onder de bomen, de boom staat er en de verlichting is op het oogverblindende af.  Maar de meeste kinderen (en hun ouders vermoedelijk evenmin) hebben geen flauw idee meer waar Kerstmis zijn oorsprong vond.  Gelovig ben ik allang niet meer, maar bepaalde tradities, en dan vooral de verhalen die eraan ten grondslag liggen, zijn hoe dan ook gewoon mooi.  Er zou trouwens echt wel werk gemaakt mogen worden van het officialiseren van de feestdagen van de andere erkende religies. Scheiding van Kerk en Staat, iemand?  Als je het de ene gunt, gun je het een ander ook, praktische bezwaren ten spijt.

Ik kijk ernaar uit om later aan mijn dochter uit te leggen waar al die feesten en religies vandaan komen. Alleszins niet van de Kerstman, die we aan Coca-Cola te danken hebben…

Ons gezinnetje wenst elke lezer van deze blog, en alle andere mensen op deze wereld, van welke gezindte ook, een waardevol nieuw jaar!

2 reacties

Opgeslagen onder allerlei, Filosofische overpeinzingen

En onze toekomst?

Ik weet het, tegenwoordig blijven de pagina’s van mijn weblog te lang onaangeroerd, maar sinds vorige week maalt er in mijn hoofd het één en ander rond dat ik nu toch echt even kwijt moet.  Voor heel wat mensen is het helaas nog een ver-van-mijn-bed-show, maar wat de heren en dames wereldpolitici in Kopenhagen voor elkaar hebben gebracht, is de schaamte voorbij.  Een intentie… meer hebben ze niet kunnen vinden na een volle week van wetenschappelijk materiaal en oeverloos vergaderen. En de grote namen, die lieten pas hun gezicht zien op het einde van de klimaattop, toen de tijd compleet ontbrak om nog wezenlijke vooruitgang te kunnen boeken.  Geflopt, heet zoiets.  En dat terwijl er meer dan genoeg reden is om ons stilaan grote zorgen te gaan maken over onze toekomst en die van onze (klein)kinderen.

Dag op dag zeven maanden geleden floepte mijn dochter Isobel de vrije buitenlucht in.   Haar eerste ademteugen, waarbij ze gulzig aan haar nieuwe reflex tot binnenzuigen van die onzichtbare lucht voldeed,  waren zonder twijfel een stuk ongezonder dan ze had verdiend.  Vandaag is ze zeven maanden oud, en ik betrap me er meer en meer op dat bepaalde gebeurtenissen in de wereld me nog harder raken dan vroeger.  De klimaatproblematiek is er daar één van.  Want het zijn mijn dochter en mijn (hopelijk) latere kinderen aan wie de erfenis van het marktkapitalisme  zal moeten doorgegeven worden.

We weten allemaal wel dat het de economie is die de wereld doet draaien.  Er wordt gekocht, verkocht, en winst of verlies gemaakt. Bedrijven komen omdat ze kansen zien liggen en gaan nadat ze hun rol hebben gespeeld ten onder in de financiële draaikolk van de marktwereld. Ook hele landen en ideologieën hebben dit de laatste jaren beseft, en gebruiken de markt maar al te graag voor eigen gewin.   En waar zitten we nu?

Na 150 jaar indoctrinatie zijn we nu volledig in de ban van het “hebben”, en niet langer van het “zijn”.  We worden op elk moment van ons leven gebombardeerd met de plicht tot consumeren.  We zijn omringd door deze grote “markt” van multinationals, elkaar beconcurrerende overheden en individuen, die elk vanop hun eigen plekje om ter luidst “ik”, “ik”, “ik”, roepen in de hoop het hardst gehoord te worden.   Ondertussen verandert er wezenlijk zo weinig, dat ik stilaan bang word.  Als mensen enkel en alleen kunnen kijken naar hun eigen sores en die van een ander land of bevolking slechts van secundair belang achten, waar zijn we dan mee bezig?  Pas op, er zijn absoluut mensen die hun uiterste best doen met zorgen dat hun leven de aarde niet teveel belast, maar tot nu toe blijft het bij uitzonderingen. Het zal wel evolutiepsychologie zijn,  dat we amper tot iets anders in staat zijn omdat dat voor dit zelfzuchtige gedrag ons directe overleven bevordert (wat ook zo is, want als mijn voorouders niet zelfzuchtig genoeg waren geweest, dan zat ik hier nu niet te tokkelen achter mijn computer).

Maar we zijn stilaan met meer dan de aarde kan dragen.

Gaan we het lot dan achterna van Paaseiland, waar de bevolking zodanig geobsedeerd was geraakt door het bouwen  en plaatsen van afgodsbeelden, waarvoor heen wat hout nodig was. Hout, dat slechts beperkt voorradig was op het eiland en uiteindelijk tot de dood/het vluchten van de bevolking heeft geleid wegens allemaal omgehakt en/of verbrand.

Wij kunnen echter geen kant op.  Het zou wel eens kunnen, en het zàl ook zo zijn als er niet snel iets gebeurt.  En onze kinderen verdienen beter.  Dus vraag ik me af: afgezien van te beginnen bij mezelf, hoe pakken we dit aan?

Een reactie plaatsen

Opgeslagen onder Filosofische overpeinzingen